Passende ondersteuning

In Nederland geldt de wet op passend onderwijs. 

“Alle leerlingen moeten een plek krijgen op een school die past bij hun kwaliteiten en hun mogelijkheden. Passend onderwijs moet ervoor zorgen dat elk kind het beste uit zichzelf haalt. Scholen bieden daarom extra hulp aan leerlingen die dit nodig hebben, zoals kinderen met leer- of gedragsproblemen.” (Rijksoverheid, Doelen passend onderwijs | Passend onderwijs | Rijksoverheid.nl

Wij vinden het belangrijk dat elk kind kan stralen in zijn/haar ontwikkeling op Kindcentrum Leeuwesteyn. Dit vatten wij samen met 8 kernwaarden; waarvan 4 pedagogisch en 4 didactisch. Wij toetsen ons onderwijs aan deze kernwaarden en geloven erin dat alle kinderen zich hierdoor ontwikkelen. Daarmee zeggen wij dat de meeste kinderen baat hebben bij onze aanpak. 

Om onze leerlingen een zo passend mogelijk aanbod te kunnen bieden werken wij met drie ondersteuningsniveaus. Hierbij kun je denken aan extra oefenen, anders oefenen of extra uitdagen. Samen met de ouders kijken we wat er nodig is en wat wij kunnen bieden binnen onze mogelijkheden. Wij streven ernaar dat de ondersteuning zoveel mogelijk plaatsvindt binnen de groep of de parallelgroep. Het kan ook zijn dat je kind begeleiding krijgt buiten de groep. Hieronder volgt een overzicht van onze ondersteuningsniveaus:  

Ondersteuningsniveau 1 'De basis voor iedereen'

  • Een sterk basisaanbod voor alle leerlingen. Dit betekent dat we goede en duidelijke instructielessen geven in de i basisvakken, inclusief differentiatie in de vorm van bijvoorbeeld extra uitleg, ander lesmateriaal, extra herhaling of verrijking. 

Ondersteuningsniveau 2 'Intensiveren of verdiepen' 
Is de basis niet genoeg? Dan kijken we wat de leerling extra nodig heeft: 

  • Intensiveren: De leerling ontvangt verlengde of herhaalde instructie en extra begeleiding, afgestemd op de onderwijsbehoeften. Dit kan bestaan uit extra leesmomenten, het gericht oefenen van een specifiek rekendoel, het trainen van de taakaanpak of het opnieuw uitleggen en inoefenen van de lesstof in een klein groepje. Door deze intensieve ondersteuning krijgt de leerling meer tijd, herhaling en gerichte feedback om de leerdoelen te behalen.
  • Verdiepen: We compacten de reguliere lesstof, zodat de leerling minder herhalingsstof maakt en ruimte krijgt voor verrijking. Deze tijd wordt benut voor verdiepende opdrachten en uitdagende leeractiviteiten die aansluiten bij de mogelijkheden en interesses van de leerling. Daarnaast geven we gerichte instructie op het verrijkingswerk, zodat de leerling passende leerstrategieën ontwikkelt, leert omgaan met complexere opdrachten en voldoende cognitieve uitdaging ervaart.

Ondersteuningsniveau 3 'Verder intensiveren of verdiepen'
Blijkt ondersteuningsniveau 2 onvoldoende passend? Dan wordt de ondersteuning opgeschaald naar ondersteuningsniveau 3.

  • Intensiveren: Er wordt een handelingsplan opgesteld met een looptijd van 8 tot 10 weken. Hierin worden concrete en meetbare doelen geformuleerd. De leerling ontvangt wekelijks in totaal 60 minuten extra begeleiding, verdeeld over meerdere momenten, gericht op het behalen van deze doelen. De voortgang wordt gedurende de periode gevolgd en aan het einde van de interventie geëvalueerd.
     
  • Verdiepen: De reguliere lesstof wordt binnen één of meerdere vakgebieden verder gecompact, zodat meer tijd beschikbaar komt voor verrijking. De leerling werkt met uitdagend verrijkingsmateriaal en ontvangt gerichte instructie om passende denk- en leerstrategieën te ontwikkelen. Daarnaast nemen deze leerlingen deel aan Hoge Orde Denkopdrachten (HOD) tijdens de themalessen, waardoor zij worden gestimuleerd om kritisch, creatief en onderzoekend te denken.
     
  • Specialistische ondersteuning: Wanneer de onderwijsbehoeften daarom vragen, wordt specialistische ondersteuning ingezet in afstemming met of uitgevoerd door interne of externe deskundigen, bijvoorbeeld via het samenwerkingsverband. Hierbij kan gedacht worden aan dyslexiebegeleiding, het werken met een eigen leerlijn, begeleiding door een specialist of deelname aan een verbredingsgroep waarin leerlingen extra uitdaging of specifieke ondersteuning ontvangen.

Ondersteuningsniveau 4 en 5
Heeft een leerling meer ondersteuning nodig dan binnen ondersteuningsniveau 3 geboden kan worden, dan wordt extra ondersteuning ingezet. Vanaf ondersteuningsniveau 4 en 5 worden ook de consulenten van het samenwerkingsverband (SWV) betrokken bij het vormgeven en evalueren van de begeleiding.

Wanneer blijkt dat een leerling, ondanks de geboden ondersteuning, onvoldoende tot ontwikkeling komt, gaan we samen met de leerling, ouders, leerkracht(en) en de zorgspecialist in gesprek om de onderwijs- en ondersteuningsbehoeften opnieuw in kaart te brengen. Gezamenlijk bepalen we welke aanvullende ondersteuning nodig is om de ontwikkeling van de leerling optimaal te stimuleren. Afhankelijk van de ondersteuningsvraag kan hierbij interne of externe expertise worden ingezet, bijvoorbeeld vanuit het samenwerkingsverband of andere gespecialiseerde organisaties.

Samenwerking en verbinding met alle betrokkenen staat voorop. Hierbij houden we altijd voor ogen of hetgeen dat wij kunnen bieden voldoende is voor het kind. Zo niet, zoeken we samen naar een meer passende plek. 

Wij werken samen met het Samenwerkingsverband Utrecht PO. De consulenten van het Samenwerkingsverband denken mee met school, ouders en kernpartners om gezamenlijk te komen tot de juiste ondersteuning.  Alleen met elkaar bereiken we het beste voor ieder kind, daar zijn we van overtuigd. Zie in de bijlage het overzicht van onze kernpartners.  

Meer weten? Voor vragen kan je terecht bij één van onze zorgspecialisten.